|
De Ju-Jitsu
geschiedenis :
Ju-Jitsu is in feite ontstaan
in de Japanse oudheid. Het waren gevechtstechnieken
gebruikt door de Samoerai's. Elke meester beoefende zijn eigen
technieken,
die tot in de perfectie werd geoefend. Pas in de 18de - 19de
eeuw werden deze
technieken vrijgegeven. Het Ju-Jitsu omvat vele technieken waaruit
later het Judo,
Aikido en Karate zijn ontwikkeld. Hierdoor zien we dat het Ju-Jitsu
de bakermat van
alle Japanse gevechtssporten is.
Ju betekent « zacht »,
« soepel » en Jitsu betekent « techniek »,
« vaardigheid »,
« kunst ». Het moderne Ju-Jitsu wordt in vele clubs
als sport aangeleerd, alhoewel
het oorspronkelijk een zuivere zelfverdediging is.
Wat is Ju-Jitsu
?
In het Ju-Jitsu leert men zich
verdedigen tegen één of meerdere aanvallers, die
al
of niet gewapend zijn. Zelf gebruiken we enkel ons lichaam als
wapen en is in principe
alles toegestaan. De verdediging hoort wel in evenredigheid te
zijn met de aanval.
Het Ju-Jitsu behandelt verschillende
aspecten, zoals bevrijden, ontwijken, afweren,
klemmen, werpen, stoten, controleren, wurgen enz. Hierbij maken
we efficiënt gebruik
van « vitale punten ». Deze zijn bij iedereen «
vitaal », zodat de fysieke sterkte van
de verdediger minder belangrijk is. Ju-Jitsu gebruikt ook vaak
de kracht van de aanvaller.
Zo zien we dus dat kinderen en vrouwen zich eveneens efficiënt
kunnen verdedigen
tegen « sterkere » aanvallers.
Ju-Jitsu als sport beoogt ook de verbetering van de fysieke en
mentale conditie.
De weerbaarheid wordt verhoogd en het zelfvertrouwen groeit,
wat zeer bevorderlijk
is voor de zelfontplooiing. Tenslotte streven wij na, dat de
trainingen plezierig worden
aangepakt, wat de inzet verhoogt.
De sportbeoefening is voornamelijk recreatief, maar gevorderden
krijgen de mogelijkheid
om ook aan competities deel te nemen. Er bestaat zowel een "fighting"
(gevecht) als
"duo-games" (demonstratie) competitie. Hier gelden
uiteraard strenge regels, om de
veiligheid van de deelnemers te garanderen.
|
JuJitsu-kanji

Aikido-kanji |